Dag 8 bis Fietsen tegen de sterren op

De laatste foto’, denk ik bij mezelf als ik halt houd aan het bord dat me zegt dat ik Bocholt binnen rijd. Maar wanneer ik de laatste bocht voor Lozen voorbij ben gereden zie ik plots in de verte een flits.

Ik kijk nog eens goed door de regen heen en zie dat er iets niet klopt aan het plaatje dat ik anders toch goed ken. Ik ben hier opgegroeid ten slotte.

Langzaam maar zeker zie ik paraplu’s opduiken en iets wat lijkt op een groot wit doek. En dan zie ik het allemaal duidelijk. Veel volk, de grote banner van het ECNS, flitsende camera’s en een klein meisje dat naar voren komt gelopen.

En ze lijkt verdacht veel op mijn dochter…

Ik stap van mijn fiets af en omhels haar stevig. Dit is ontroerend, dit is mooi.

Ik zet mijn helm af en wandel het laatste stuk, met de fiets in de hand en mijn dochter naast me, naar al die mensen die me op staan te wachten.

Ik word verwelkomd met een luid applaus, zie vrienden en familie en daartussen mijn vrouwtje die er zeker voor iets tussen moet zitten voor hetgeen er hier gebeurt.

Met een mooi boeket bloemen omhelst ze me, dochterlief volgt.

Martin Rijken komt aangewandeld met een metertje bier.

Ik twijfel eerst of ik dit wel zou doen.

Ik ben er nog niet. Ik moet nog een kilometer of vijf rijden. Maar de gezelligheid neemt de overhand en hoe kan ik nu een pint weigeren van de man die onze vereniging, samen met zijn vrouwke, zoveel aandacht schenkt?

Hier ontstaat vriendschap.

Iedereen schikt zich naar de wensen van Roger (HBVL) en er wordt een mooi kiekje gemaakt van de hele bende.

Daarna steken we de straat over richting The Bridge en is het tijd om een babbeltje te slaan.

Het pintje smaakt en een volgende biedt zich alweer aan. Even later krijg ik een enorm groot glas bier van de zaak.

Dit krijg ik nooit leeg denk ik bij mezelf. Maar toch…

De laatste kilometers zijn best zwaar. Het regent pijpenstelen en om één of andere reden gaat het nog moeizamer dan alle andere dagen bij elkaar…

Maar de aanhouder wint en eenmaal thuis heeft mijn dochter nog een verrassing in petto in de vorm van een groot spandoek met daarop ‘Papa jij bent mijn grootste ster!’

Hoe mooier kan mijn tocht eindigen? Hoewel, die frieten hebben ook gesmaakt. Want Nederland mag dan wel een prachtig land zijn, als ze daar iets kunnen leren van ons Belgen, dan is het wel echt lekkere frieten maken…

 

Dag 8 Fietsen tegen de sterren op

Rechte lijn

De laatste dag. Zachtjes tikt de regen op het zolderraam… Ik doe mijn ogen open en zie inderdaad dat het dakvenster boven me goed nat is. Hip hoi… Na, zoals iedere dag, hetzelfde ritueel te hebben doorgaan van opstaan, wassen, tassen klaar maken, drie keer kijken of ik niks vergeten ben en dan alles op mijn stalen ros te hangen schuif ik gezellig aan tafel bij Ria, mijn gastvrouw. Haar man, Bart, slaapt nog lekker. Ik kan hem enkel gelijk geven. We babbelen over van alles en nog wat en het uur vliegt voorbij. Het is acht uur. Nu moet ik echt wel vertrekken, hoe gezellig het ook is.

De gps zegt nog steeds dat ik 160 km voor de boeg heb. Hij heeft wel echt kuren vandaag. Maar ik heb samen met Ria bekeken hoe ik het best in één recht lijn terug naar huis kan fietsen. En dat op een ouderwetse kaart. Technologie is mooi, maar soms moet je even terug kunnen vallen op dingen uit ‘de goeie ouwe tijd’.

Bier en ganzen

Een kwartiertje nadat ik ben vertrokken kom ik door Den Hout.

Hier heeft dit weekend Paaspop plaats gevonden. Een grote tent, veel hekken en een doordringende biergeur rijd ik tegemoet. De enige feestgangers die hier nog rond waggelen zijn twee ganzen. Het moet hier een beestenboel zijn geweest.

Ik rijd verder en even later kan ik weer halt houden om dan toch mijn regenkledij aan te trekken.

Het was nochtans gestopt met regenen deze morgen, maar nu pakken zich weer donkere wolken samen boven mijn hoofd. En even later moet ik dan ook nog eens een stuk omrijden vanwege werken aan een brug.

Het moet toch iedere dag wel een keer gebeuren blijkbaar.

 

Gekke koeien

Als ik door Tilburg fiets en het station passeer heb ik wel zin in een koffie.

Ik wil dat doen in een taverne aan het station zelf, maar het lijkt me niet echt veilig hier om mijn vol beladen fiets achter te laten. Ik rijd een beetje verder het centrum in en stop in aan een gezellige taverne. De deur staat al open,  maar het is nog vroeg en ik ben de eerste klant. Nadat ik mijn koffie heb opgedronken en mijn verhaal voor de zoveelste keer heb kunnen vertellen aan de uitbater gaat het verder over het platteland. Maar even later ga ik er weer bij zitten op een bankje aan het water.

De motivatie is ver zoek vandaag. Ik rijd nochtans naar huis…

Als ik het plaatsje Haghorst ben voorbij gereden zie ik in de verte een massa volk staan, midden in een weidelandschap bij een boerderij.

Daar staan ze me al op te wachten denk ik. Maar hier komen ze blijkbaar voor heel iets anders. Het is een Campina-boerderij en er staan minstens vijfhonderd mensen, jong en oud, rond de weide langs de boerderij. Ik baan me een weg door het smalle straatje, tussen het volk door. Achter de massa stop ik en kijk ik om. Waar staan ze hier eigenlijk op te wachten? Ik vraag het aan een vriendelijke oudere man die net voorbij komt.

Hij vertelt me dat de koeien dadelijk naar buiten mogen, na een lange tijd binnen te hebben gestaan. Dan denk je in de eerste plaats ‘nou en? Moet je daar naar komen kijken?’ Maar als de koeien eenmaal los gelaten worden begrijp ik waarom hier zoveel mensen zijn. Je moet het zien om het te begrijpen. De koeien zijn door het dolle heen. Ze hollen, springen, rollen, gaan met hun kop door het zand en botsen regelmatig opzettelijk tegen elkaar. Precies een bende uitgelaten schoolkinderen die de speelplaats op rennen. Het is mooi om te zien. Soms is er echt niet veel poeha nodig  om iet leuks te beleven. Ik sla ondertussen een gezellig babbeltje met de man en ga even later weer verder.

Nat, natter, natst

Ik heb ondertussen mijn regenkledij uitgetrokken. Het is best warm als je daarmee fietst.

Maar niet veel later kan ik weer aan de kant om ze weer boven te halen. Het begint nu wel echt goed te regenen. Echt leuk is het niet meer. Maar al bij al heb ik nog nietveel regen gehad tijdens deze reis.

Ik ben nu niet ver meer van Hamont-Achel en plots ben ik weer off-road aan het rijden. De zandweggetjes zijn wel degelijk aangegeven als fietspad, maar mijn fiets en tassen worden er niet mooier op.

 

Het zand spat omhoog. Of modder beter gezegd. Want het regent nog steeds pijpenstelen.

Onderweg maak ik toch nog een mooi ‘natuurkiekje’van wat runderen die daar staan te grazen. Je hoeft echt niet ver te gaan om mooie dingen te zien hoor.

Plots kom ik een grenspaal tegen. Eindelijk, het einde is in zicht. Maar toch ben ik hier nog niet over de grens. Ik passeer gewoon even langs een hoekje België-Nederland. Wat verder kan ik eindelijk een foto maken bij het bord dat me zegt dat ik bijna thuis ben.

Mijn tocht

De laatste tien kilometer  gaan in rechte lijn richting Bocholt.

De regen blijft maar kletteren. Maar de pijn die ik eerst zo in mijn benen voelde is nu weg. Het is een beetje als een hond die zijn hok heeft geroken.

En terwijl ik die laatste kilometers rijd kijk ik naar al hetgeen er op mijn stuurtas ligt.

Daar zie ik namelijk alles waar het om ging. Foto’s van mijn vrouwtje en dochter. Een stikker van het ECNS en daarnaast een onbeschreven blad. Klaar voor een nieuw verhaal. Een nieuwe tocht. Maar tot dusver, was dit mijn tocht. Eén om nooit meer te vergeten…

 

Dag 7 Fietsen tegen de sterren op

Natuur is duur

Om zes uur gaat mijn wekker weer vrolijk tekeer. Ik zou liever nog wat blijven liggen. Ik ben nog steeds moe en het is zondag. Maar niks aan te doen, er staat weer een lange rit voor de boeg. Als ik door het venster naar buiten piep zie ik een diep blauwe lucht. Dat stemt me vrolijk. Ik dacht dat ik geen zon meer ging zien. Ik geniet van het heerlijke ontbijt dat mijn gastvrouwen hebben klaargezet en pak mijn spullen. Stilletjes verlaat ik het huisje. Iedereen slaapt hier nog. Ah ja, het is zondag hé.

Hilversum ligt er verlaten bij. Alleen baan ik me een weg door de stad. Kijk, dit is nu eens heerlijk fietsen door een anders zo drukke stad. Eens daarbuiten rijd ik over rustige wegen. De zon doet wat ze moet doen en ik geniet met volle teugen. Ik rijd door een strook die omgeven is door water: Breukeleveen. Maar jammer genoeg kan ik maar af en toe een glimp opvangen van al die pracht. Huis na huis ligt hier voor het water. En het zijn grote, mooie huizen. En de auto’s vertellen ook veel: Mercedes, Jaguar, Porsche… Als je hier wil genieten van de pracht van het water, moet je daar een dure prijs voor betalen blijkbaar.

Mijmeren

Als ik op een plaatsje kom dat me zo een rustgevend gevoel geef, besluit ik er te stoppen en even gaan te zitten en te genieten van de zon die het landschap stilletjes aan opwarmt. Terwijl ik hier zit begin ik al een beetje terug te kijken naar mijn tocht. Het is nu al een hele onderneming geweest. Ik heb veel mooie dingen gezien. Ik heb genoten en ik heb gevloekt. Maar dat hoort erbij. En dan de aandacht die deze tocht ondertussen toch wel heeft gekregen. Ik sta er nog altijd van te kijken. Maar nu heb ik even geen zin in aandacht. Ik denk eerder aan hoe het zou zijn met Rene, die om heel andere redenen op de fiets zit. En aan een vriend, die nu door waarschijnlijk de moeilijkste periode van zijn leven gaat. Hij heeft nu meer aandacht nodig dan ooit. Ik weet dat hij een geboren optimist is, dat hij kan vechten, en als hij ergens voor gaat dan doet hij dat ook. Doe dat nu ook maat, hoe hard het ook zal zijn. Deze duizend kilometer zijn voor jou en je gezin Patrick…

Appeltaart

In Woerden maak ik even gebruik van het draadloos internet om te skypen met het thuisfront. Daar gaan ze aan de feestdis zitten om Pasen te vieren. En rondom mij luiden de klokken. Maar paaseieren zijn er niet bij voor mij. Ondertussen zie ik in de verte de eerste wolken opduiken.

In Hekendorp kom ik een gezellig terrasje tegen en besluit ook hier weer even halt te houden. Ik bestel me een warme chocomelk met veel slagroom en een heerlijk stuk appeltaart. Ook voor mij is het zondag hé…. Even later sta ik dan weer voor een spoorovergang die helemaal is afgesloten. Dat wordt weer lekker omrijden.

Op het middaguur ben ik in Gouda. Veel valt er niet te beleven vandaag en ik moet toch wel verder gaan want het is nog een heel eind. Ik rijd verder langs de honderden grachten die de weilanden opsplitsen als een grote lappendeken. Om de dertig à vijftig meter loopt er een kilometerslange gracht doorheen het landschap. Mooi om te zien.

Twee voor de prijs van twee

De wind steekt de kop op. De Noordwester heeft plaats gemaakt voor een matige Zuidwester. Pech voor mij alweer. Het landschap is weer vlak. Als ik achter me kijk kan ik nog steeds de plek zien waar ik een uur geleden nog heb gefietst.

In Krimpen aan de Lek moet ik het veer nemen. Als ik aan de overkant ben zie ik dat eigenlijk nog steeds niet ben waar ik wezen moet. Ik vraag aan een voorbijganger hoe ik in Ridderkerk kom en hij wijst me naar een ander kleiner veerpontje dat aan komt gevaren. Als ik dat pontje weer neem, vaart het eerst naar de plek waar ik het eerste pont was opgestapt. Oké, ik heb de binnenvaart ook gesponsord vandaag.

In Ridderkerk kom ik bij het Planetarium Johannes Museum Postschool. Hier is niet alleen een planetarium. Dit is ook de plek waar Nederland de capitulatie ondertekende op 15 mei 1940. Het zal er toen wel drukker zijn geweest dan vandaag. Want het hek is dicht en ik zie geen beweging. Jammer. Dus gaat de rit weer verder.

Op, op, op

De laatste dertig kilometer voelen zwaar aan. Eerst moet ik nog door het stedelijk gebeid van Ridderkerk, Zwijndrecht en Dordrecht. Daar kom ik aan op een gigantische ophaalbrug. Ik kom net te laat voor een kiekje: de brug sluit net. Een gigantisch schip is juist onder de immense brug gevaren. Even later rijd ik over het Hollands Diep en daar zie ik voor de eerste keer een verkeersbord dat me doet vermoeden dat mijn tocht het einde nadert

Dan rijd ik weer door de open vlakten. De vermoeidheid slaat genadeloos toe. Ik ben helemaal op. Mijn benen voelen loodzwaar aan en mijn achterste doet ongelooflijk pijn. Vandaag is het te ver. En alsof het niet genoeg is moet ik over met kasseien beladen paden fietsen en rijd ik even later over fietspaden die gemassacreerd zijn door de worteldruk van de bomen. Zo fiets ik mijn eigen “Parijs-Roubaix” vandaag. Proficiat trouwens Tom…

De laatste vijf kilometer sta ik bijna constant recht. Het doet pijn aan mijn bovenbenen, maar mijn achterste doet nog meer pijn. Ik vecht tegen de wind die nu toch af en toe goed zijn best doet en dan kom ik eindelijk aan in Made. Hier overnacht ik op een woonboerderij.

Thuis

Ik krijg van de gastvrouw een lekkere kop koffie met cake aangeboden. Dat smaakt me. Ik begin al aan mijn verslag, want als ik me eerst moet gaan douchen komt er waarschijnlijk niks meer van in huis.  En over huis gesproken, ik wil nu toch wel thuis zijn. Het is mooi geweest. Ik ben gewoonweg doodop. Ik geniet nog steeds van al hetgeen ik zie, maar de lange afstanden iedere dag beginnen hun tol te eisen. Vandaag waren het 141 kilometer. Dat is ver. Gepakt en gezakt is dit ver.

Mijn gps zegt dat ik morgen 160 km moet fietsen. Mijn gps zegt wel vaker eens rare dingen. En dan ga ik gewoon op het ouderwetse gevoel af. Wedden dat ik er minstens 40 van af pik…

Dag 6 Fietsen tegen de sterren op

Genieten

De ochtend begint met een heerlijk ontbijt dat in mijn huisje wordt gebracht door Bouwien. Buiten is het grijs en druilerig. Met tegenzin doe ik mijn regenkledij aan. Dit was te verwachten. Ik sla nog een fijn babbeltje met Bouwien. Zij heeft gebeden om regen, zodat haar mooie heidetuin eindelijk wat water krijgt. Nou, ze heeft regen gekregen. Maar voor mij mag het ophouden nu. Ik bedank Bouwien voor de gastvrijheid en trek weer verder.

In Epe kom ik een mooie dame tegen die net als ik gepakt en gezakt met de fiets onderweg is. Als ik vraag of ze zin heeft om een eindje mee te fietsen blijft ze halsstarrig voor zich uit kijken. Wat een harde dame zeg. Dan maar alleen weer verder.

Ik rijdt door de prachtige bossen van de Veluwe. Dit is genieten. De zon komt er nu toch regelmatig door en een eindje verder doe ik mijn regenkledij dan ook uit. Mijn benen zijn vermoeid en mijn achterste doet zeer. Maar nu kan ik alleen maar genieten van de pracht rondom mij. Ik had al vaker gehoord dat de Veluwe mooi is, maar dit is gewoon prachtig. Ik vind het zo heerlijk dat ik zelfs twee keer te ver rijdt. Geeft niet, dan geniet ik nog eens op de terugweg. Plots zegt mijn gps dat ik midden in de bos sta. Ik bevind me nochtans op een fietspad. Ik zie dat ik kan doorsteken naar een ander fietspad dat de gps laat zien. Maar al gauw ben ik off-road aan het fietsen. Afstappen en te voet verder dus. Maar ik vind het best zo. De zon schijnt nu volop.

Bakker

Ik rijd verder door de bossen en houdt op een rustig plekje even halt om wat koffie te maken. De zon blijft het goed doen en ik hoop dat het zo de hele dag blijft. In Ermelo kijk ik nog eens op de iPod. Ik zie dat er op de website ook al reacties staan op de verhalen die ik iedere dag neerschrijf. Dat is nog maar eens een hart onder de riem. Nogmaals bedankt voor alle reacties, ook die op het facebook van mijn vrouwtje en de smsjes die ik krijg.

Ik skype nog even met het thuisfront en ga dan verder door het dorp. Aan een Plus winkel doe ik de broodnodige boodschappen. Morgen is het zondag en dan is de bakker dicht hier in Nederland. Dat kennen ze hier nog niet, een warme bakker die open is op zondag. Daar ben ik vorige week ook zelf achter gekomen…

Op een mooi stukje landgoed eet ik wat en rijd dan verder richting Flevoland. Het weer begint te veranderen.

En daar gaan we weer

Wanneer ik Flevoland binnen rijd, moet ik weer omhoog richting Almere Haven. Dat wil zeggen dat de stevige Noordwester, die ik vorige keer al had leren kennen weer tegemoet rijd. Daar gaan we weer dus. Ik passeer langs de Delta Schuitenbeek, nou ja een beek is wel heel bescheiden gezegd, en word omringd door duizenden vogels. Ze vliegen hier letterlijk rond je oren. Het landschap is weer lekker vlak en open en de windmolens staan allemaal met de rug naar me toegekeerd. Ik zie ze liever van voren. Mijn benen voelen echt zwak aan. Ik haal op momenten weer amper 14 km per uur. Ik denk hoe mooi de voormiddag is verlopen en wou dat ik terug in de Veluwe aan het fietsen was. De omgeving is desondanks mooi, maar ik merk dat ik er minder oog voor heb. Nu is het werken. Twee uur lang weer vechten tegen de elementen. En ik voel dat het aan me begint te vreten…

Dit ken ik nog

In Almere Haven is mijn enige stopplaats vandaag: Stichting Sterrenwacht Almere. Maar hier kan ik jammer genoeg kort over zijn. Het gebouw geeft een verlaten indruk. Wat hier eens is geweest, is niet meer. Heb ik misschien niet goed gekeken op het internet? Waarschijnlijk zijn ze verhuisd. Niks aan te doen. Ik rijd nog een stukje verder tegen de wind in en kan dat eindelijk terug richting Zuiden rijden naar Hilversum.

Dan kom ik door een dorpje dan ik nog ken. Ik ben op de plaats aangekomen waar ik mijn eigen pad kruis: de vesting  van Naarden. Het dorpje omgeven door water en wallen. Een leuk gevoel. Maar lang blijf ik hier niet hangen en even later zie ik de grote zendmast van Hilversum opduiken. Ik hoef niet te vertellen welk liedje er door me heen gaat zeker?

Als ik aankom word ik ontvangen door Pascale. Vrienden op de fiets lijken ook echt vrienden te zijn. Zo voel je je toch vlug. Steeds weer die hartelijkheid. En als ik het huisje zie, kan mijn dag weer niet stuk. Heerlijk ingericht met Oosterse en Afrikaanse tinten. Een kleurrijke boel. En wat meer is: een bad! Daar ga ik eens lekker van genieten vanavond. Maar eerst nog even Hilversum in om dit verslagje weer te posten.

Benen

Na de 132 km van gisteren was de afstand vandaag iets minder: 108 km. Mag het voor één keer ietsje minder zijn. Ik voel dat mijn benen vlug vermoeid zijn. Iedere keer als ik terug op de fiets spring voelt het aan alsof ik op één dag duizend km heb gefietst. Hopelijk heb ik de wind de komende dagen wat mee. Ondanks ik vandaag een mooie rit heb gehad en niet te ver, vallen mijn ogen bijna dicht. Niet evident om zo dan weer achter het toetsenbord te kruipen en mijn verhaal te doen. Ik zal weer lekker kunnen slapen vannacht. Ik denk dat ik vanavond eens windmolens ga tellen…. of kilometers… of duizend ‘vind ik leuks’…